Vader heeft niet altijd 'ouderlijk gezag'

De afgelopen jaren kregen we bij een aantal, toch al vervelende, echtscheidingen te maken met een extra probleem.  De vader bleek juridisch gezien totaal geen ‘rechten’ te hebben omdat alleen de moeder officieel het ouderlijk gezag had. Hoe kan dat?

Wanneer ouders op het moment dat een kind geboren wordt, getrouwd of geregistreerd partners zijn, hebben vader en moeder automatisch evenveel rechten. In alle andere gevallen is dat niet vanzelfsprekend en mag de moeder juridisch gezien in haar eentje alle beslissingen nemen. Over de opvoeding, bij schoolkeuzes, maar ook na een ongeval of in geval van ernstige ziekte. Ze mag het kind zonder toestemming van de vader meenemen naar de andere kant van het land of zelfs naar het buitenland verhuizen. En als de moeder overlijdt gaat het kind, als alleen de moeder het ouderlijk gezag had, naar de familie van de moeder. Dat valt aan te vechten bij de rechter, maar als de familie van de moeder het kind of de kinderen niet naar de vader wil laten gaan, kan dat een hele lastige kwestie worden.

Hoe zit het? 
Er zijn verschillende situaties, waarbij vooral de positie van vader verschilt:

  • Een moeder krijgt in principe automatisch het ouderlijk gezag over het kind.
    Of ze moet nog 
    minderjarig zijn of onder curatele staan. 
  • Wanneer vader en moeder als het kind geboren wordt, getrouwd of geregistreerd partners zijn, krijgen ze beide automatisch het ouderlijk gezag over het kind. In dat geval hoeft de vader het kind niet apart te erkennen.
    Ook niet als de man niet de biologische vader van het kind is.
  • Wanneer vader en moeder ná de geboorte van het kind gaan trouwen of een geregistreerd partnerschap aangaan, moet de vader het kind eerst erkennen. Daarna krijgt hij door het huwelijk of het geregistreerde partnerschap, vanzelf het ouderlijk gezag.
  • Als ouders alleen een samenlevingsovereenkomst hebben of er helemaal geen afspraken zijn vastgelegd, heeft alleen de moeder het ouderlijk gezag. Ook al draagt het kind de naam van de vader! Als ook vader het ouderlijk gezag wil, moet hij het kind eerst erkennen. Dat kan vóór de geboorte (erkenning ongeboren vrucht), bij de aangifte van de geboorte of later met toestemming van de moeder. Daarna kunnen ouders eenvoudig het gezamenlijk ouderlijk gezag aanvragen door samen het formulier ‘verzoek aanvragen gezamenlijk gezag’ in te vullen en naar de rechtbank te sturen.

Een veel voorkomend misverstand is dat erkenning hetzelfde is als ouderlijk gezag. Dat is niet zo! Zonder het officiële ‘ouderlijk gezag’ heeft een vader juridisch gezien geen enkel recht. Al moet hij, als hij het kind erkend heeft, wél bijdragen in de kosten en in geval van een scheiding alimentatie voor het kind betalen.

Beide ouders hebben de plicht voor hun kinderen te zorgen. Tot dat de kinderen 18 jaar zijn ze financieel verantwoordelijk voor hun kinderen. Daarna blijven ze onderhoudsplichtig voor studie en levensonderhoud tot het kind 21 jaar wordt.

Als de vader het kind niet erkend heeft en de ouders niet getrouwd of geregistreerd partners zijn, is vader wettelijk gezien niet onderhouds- of alimentatieplichtig. Als de moeder in dat  geval toch kinderalimentatie wil, kan ze middels een juridische procedure een vaderschapstest afdwingen. Als daaruit blijkt dat de man de biologische vader is, is hij alsnog alimentatieplichtig.

Het is uiteraard verstandig al dat soort narigheid te voorkomen en te zorgen dat beide ouders het ouderlijk gezag hebben. Wanneer dat niet automatisch het geval is, kan dat heel eenvoudig worden aangevraagd. Dat kan digitaal (met Digi-D) via: https://www.rechtspraak.nl/Uw-Situatie/gezag/Paginas/Gezamenlijk-gezag-aanvragen.aspx

Of door onderstaand formulier in te vullen en dat op te sturen naar de rechtbank.  

https://www.rechtspraak.nl/SiteCollectionDocuments/Verzoek-tot-het-gezamenlijk-uitoefenen-van-het-gezag-over-een-minderjarige.pdf

Wie nog vragen heeft kan uiteraard bellen met Steunpunt Binnenvaart (tel.: 0620-112319)

Huren

We horen regelmatig dat mensen die dachten dat ze aan de beurt waren voor een huurwoning, worden afgewezen omdat de onderliggende stukken/ documenten niet in orde/verouderd zijn. Bij woningbouw- en verhuurorganisaties gaat tegenwoordig álles via de computer en dat is, zeker voor oudere ondernemers, niet altijd even gemakkelijk. Log eens in op de website of vraag hulp om te kijken of de gegevens nog goed en actueel zijn. Dat voorkomt veel narigheid!
Overigens adviseren we 'iedereen' zich in te schrijven voor een huurwoning. Je weet niet hoe je leven loopt. Niet iedereen kan zich permitteren een huis te kopen en als je wegens ziekte, echtscheiding of financiële problemen aan de wal moet, is het prettig als je voldoende woonpunten/wachttijd hebt opgebouwd om snel aan de beurt te zijn. Je kunt in meerdere plaatsen inschrijven voor een huurwoningen en die inschrijftijd ook gebruiken om een huis te huren op het moment dat een kind met achttien jaar van het internaat moet. In veel plaatsen kunnen zij zich namelijk pas inschrijven als ze achttien jaar zijn. Sinds een aantal jaren geldt voor huurwoningen de regeling 'passend toewijzen' waarbij je (huidige) inkomen bepaalt voor welke categorie huurwoningen je in aanmerking komt. Zoek voor details en actuele bedragen via google op 'passend toewijzen'.

Belasting

Het jaar 2015 was voor veel binnenvaartondernemers een goed jaar. Met dank aan de lange laagwaterperiode.  Ook over 2014 hadden de meeste schippers niet te klagen. Dat betekent dat er de komende jaren weer belasting moet worden betaald.
Ook de banken zien dat er weer wat ruimte is. Er zijn banken die vinden dat de ruimte op de rekening courant nu wel wat omlaag kan, of die een eventuele aflossingsachterstand in willen lopen. Als er vervolgens een flinke belastingaanslag komt, heeft u een probleem. Wellicht kunt u de voorlopige aanslag alvast betalen. Of laat uw boekhouder uitrekenen wat u qua belasting boven het hoofd hangt zodat u dat geld kunt reserveren en uw bank over dat ‘te reserveren’ deel  kunt informeren.

Briefadres en kostendelersnorm

Het wordt voor varenden steeds lastiger een post-/briefadres te vinden. Familie en vrienden vinden het vaak maar lastig, vrezen eventuele problemen met incassobureaus en deurwaarders  en boekhoudkantoren worden niet altijd meer als ‘woonadres’ geaccepteerd. Ook  de toenemende controle vanwege fraude met zorg- en kindertoeslagen via ‘valse adressen’  maakt het er niet makkelijker op. Bij de zoektocht naar een postadres moet je op een paar dingen letten. Er zijn gemeenten die, bijvoorbeeld  voor gemeentelijke belastingen/huisvuil, verschillende tarieven hanteren voor een alleenstaande of een gezin. Sinds 1 januari 2015 worden mensen in de bijstand (flink) gekort als er op hetzelfde adres mensen van 21 jaar en ouder wonen met een inkomen/uitkering. Dat heet de kostendelersnorm. In die gevallen is het belangrijk om bij het inschrijven bij de gemeente aan te geven dat de ‘varende’ zijn hoofdverblijf aan boord heeft en niet op dat adres.  De gemeente zet dan in de computer van de burgerlijke stand dat het niet om een woonadres gaat, maar om een briefadres. Er zijn uitzonderingen op  de kostendelersnorm: Jongeren tot 21 jaar, kamerhuurders met een commercieel contract, studenten met studiefinanciering en studenten die een BBL-opleiding volgen. De plannen de kostendelersnorm in 2016 ook voor mensen met AOW te laten gelden, zijn uitgesteld. Zoals  het er nu naar uitziet wordt dat 1 januari 2018 van kracht. Wel iets om in de gaten te houden als je je post-/briefadres bij je ouders hebt!

Bank alert:  handig en veilig 

Alle grote banken hebben een speciaal ‘alert-systeem’ dat  waarschuwt als er een bepaald bedrag van uw bankrekening wordt af- of  bijgeschreven.  U kunt zelf bepalen bij welk bedrag u gewaarschuwd wilt worden en  kiezen of dat per sms of via de mail gaat. Dat laatste kost niets. Het systeem is handig om te voorkomen dat u ‘rood’ staat,  te weten dat een betaalde betaling gedaan is, maar waarschuwt  ook  in geval van fraude of diefstal, zodat u op tijd actie kunt ondernemen. Het instellen van het ‘alert’ verschilt per bank, maar wijst zichzelf.  En anders kunt u altijd even contact opnemen met uw bank of accountmanager.  

Niet varen met ICD-kastje

Bij patiënten met ernstig hartfalen wordt tegenwoordig vaak een ICD-kastje geplaatst. Die Implanteerbare Cardioverter Defibrillator herkent ernstige hartritmestoornissen en geeft een elektrische schok om het hart te corrigeren (defibrilleren). Met een ICD mag je, in tegenstelling tot een pacemaker, niet beroepsmatig varen of rijden.  Er zijn schippers die dat niet wisten en vervolgens, na de operatie, te horen kregen dat ze, om die reden worden afgekeurd voor hun (beroepsmatig) vaarbewijs of Rijnpatent. En je kunt het risico niet nemen want als je, terwijl je meetelt voor de bemanningstabel een ongeval veroorzaakt, zal dat verzekeringstechnisch heel lastig zijn. Toch iets om in de gaten te houden wanneer  je met (ernstige) hartritmestoornissen naar de cardioloog moet. Wellicht kan er, als dat medisch gezien mogelijk is, voor een pacemaker worden gekozen. Daarmee mag, na een gunstig specialistisch rapport waaruit blijkt dat redelijkerwijs geen acute problemen te verwachten zijn, wel weer gewoon worden gevaren.

Nabestaandenpensioen 

De tijd dat je schip je pensioen was,  is voor de meeste mensen voorbij en nog niet iedereen heeft (voldoende) pensioen opgebouwd. Nu het wat beter lijkt te gaan in de binnenvaart, komt daar wellicht wat ruimte voor, maar het is in ieder geval verstandig een nabestaandenpensioen af te sluiten zodat u uw partner en eventuele kinderen niet onverzorgd, of in ieder geval een beetje verzorgd achter laat. Wie na 1950 geboren is krijgt geen uitkering vanuit de nabestaandenwet (ANW) en de AOW-leeftijd gaat steeds verder omhoog. Als de man al AOW kreeg, maar zijn jongere partner nog niet, heeft zijn jongere partner, als die na 1950 geboren is, na zijn overlijden nergens recht op.
De jaarpremie voor een nabestaandenpensioen valt volgens deskundigen wel mee. Wellicht goed om daar eens met uw verzekeringsadviseur of boekhouder over te praten.

Noodgeval

Soms heb je aan boord snel een arts nodig of moet een ernstig gewond gezins- of bemanningslid naar een ziekenhuis. In zo’n geval kun je beter contact opnemen met een post of de havendienst. Daar kunnen ze, in overleg met de mensen van 112, snel uitzoeken waar een arts of ambulance bij het schip kan komen. Haventerreinen zijn soms moeilijk toegankelijk en de havennummers die de schipper vanaf het water ziet, zijn vanaf de wal niet altijd te vinden. Dat is, zeker in noodgevallen, voor beide partijen erg frustrerend. De havendienst, Rijkswaterstaat of de mensen op de post, kennen het gebied en zorgen vaak ook voor directe en praktische hulp. 

Huurwoning

Een aantal (oud)schippers ondervindt op dit moment hoe moeilijk het is een huis aan de wal te huren als ze stoppen met varen. In sommige plaatsen is de wachttijd drie tot vier jaar! Ook wie vanwege ziekte, een sterfgeval, scheiding  of financiële problemen moet stoppen met varen, kan vrijwel nergens meer een beroep doen op urgentie. De systemen om in aanmerking te komen voor een huurwoning zijn heel verschillend. Je hebt woonbonnen, woonpassen, woonkranten, maar ook plaatsen waar alleen via internet op woningen gereageerd kan worden én plaatsen waar je, als je een jaar niet hebt gereageerd op een woning, van de wachtlijst wordt geschrapt! Informeer eens hoe je een huis kunt huren in de plaats waar je straks wilt wonen. Inschrijven kost hooguit een paar tientjes per jaar, maar dat betekent wel dat je, als je stopt of moet stoppen, snel aan de beurt bent.

Je kunt je in meerdere plaatsen inschrijven voor een huurwoning. En natuurlijk de gezinswachttijd gebruiken om een huis te huren op het moment dat je kind van het internaat af moet. Want in veel plaatsen kun je je pas vanaf 18 jaar inschrijven. Informatie over huurwoningen is te vinden op websites van gemeentes of plaatselijke woningbouwcoöperaties. 

Privé

Veel banken kijken op dit moment (heel) kritisch naar de privé-opnames. Maar wat is nou normaal of redelijk? Het modaal inkomen, dus het meest voorkomende inkomen in Nederland in 2014 is  € 34.500. Dat is bruto € 2.585 en netto ongeveer € 1.866 per maand. Daar moet, inclusief huis, gas, water, licht en verzekeringen, alles van betaald worden. Volgens het Nibud, het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting, heeft een gemiddeld gezin, vader, moeder en twee kinderen, per dag zo’n € 15,50 nodig om goed en gezond te eten. Dat is een kleine 500 euro per maand. We adviseren mensen vaak een dergelijk bedrag op een aparte rekening te zetten, met een apart pasje en daar, waar mogelijk, alle boodschappen van te doen. Dan hou je overzicht. Op de website van het Nibud (www.nibud.nl) staan nog meer handige tips over geldzaken.

Geen weduwepensioen

Als je partner overlijdt is dat een drama. Zeker in de binnenvaart, waar dat meestal betekent dat het schip verkocht moet worden en de overblijvende partner een woning aan de wal moet zoeken. Dat valt niet mee, maar het wordt nog lastiger als je weet dat weduwes en weduwnaars die na 1950 geboren zijn tegenwoordig geen recht meer hebben op een uitkering in het kader van de algemene nabestaandenwet (ANW).
Wie na 1950 geboren is krijgt alleen een ANW-uitkering  als er één of meer kinderen onder de 18 jaar worden verzorgd of als na een (uitgebreid) onderzoek kan worden aangetoond dat u voor minstens 45% arbeidsongeschikt bent. Alle anderen zullen, als er onvoldoende geld is om van te leven, dus een baan moeten zoeken. Ook dat valt niet mee als je altijd gevaren hebt en alleen een opleiding voor een functie in de binnenvaart hebt.
Er bestaan veel misverstanden over uitkeringen en het voelt ook héél onrechtvaardig dat een weduwe van 50, 55 of 58 jaar geen recht meer heeft op een ANW-uitkering. En, als ze nog wat eigen vermogen heeft (meer dan 5850 euro), ook geen recht heeft op een bijstandsuitkering. Toch is dat helaas de realiteit!
In een aantal gevallen lukt het soms een IOAZ-uitkering (Inkomensvoorziening Oudere en Arbeidsongeschikte Zelfstandigen) aan te vragen, maar dan mag het inkomen de laatste drie boekjaren voorafgaand aan het overlijden van de partner, gezamenlijk, gemiddeld niet boven de ruim 21.800 euro per jaar liggen. Wie meer informatie wil,  kan bellen met Steunpunt Binnenvaart, tel. 0620-112319

Goud waard

Een goede boekhouder is goud waard! Hij of zij levert niet alleen de jaarstukken, maar adviseert, denkt met u mee en weet precies wanneer het tijd wordt om te investeren of gebruik te maken van een speciale subsidieregeling. Een goede boekhouder kent uw schip en de markt, is op de hoogte van specifieke binnenvaartregelingen én zorgt dat u nooit te veel belasting betaalt. Toch zijn er nog veel binnenvaartondernemers die hun boekhouding laten doen door een kennis, of een kantoor dat vooral ‘droge’ cliënten heeft. Je moet je serieus afvragen of dat verstandig is. Er verandert veel. Niet alleen op financieel en fiscaal gebied, maar ook in Den Haag, Brussel en Straatsburg. Je moet elke boekhouder betalen, maar een goede binnenvaartboekhouder verdient zichzelf terug!